Gelukkig gezond

‘Zielsgelukkig lag zij doodziek op bed’.

Hier klopt iets niet. Zieke mensen zie je zelden stralen van geluk. Kermend van de pijn heb je wel iets anders aan je hoofd dan gelukkig zijn toch? Nee, geluk en gezondheid gaan hand in hand zou je zeggen, maar hoe zit deze relatie precies in elkaar? Hoe gezonder je bent, hoe gelukkiger? Hoe gelukkiger, hoe gezonder? Allebei? Geen van beide? Oh, volmaakte Wetenschap schijn Uw licht op deze netelige kwestie!

Allereerst: klopt de aanname dat geluk en gezondheid hand in hand gaan? Absoluut, zegt de Wetenschap. Observatieonderzoek van de afgelopen drie decennia laat zien dat er een stevige correlatie bestaat tussen gezondheid en geluk.1 De sterkte van deze correlatie hangt vooral af van hoe je ‘gezondheid’ definieert. Het sterkst is namelijk de samenhang tussen subjectieve (oftewel: zelfgerapporteerde) gezondheid en geluk. Gezondheid gemeten aan de hand van objectieve criteria (zoals het functioneren van iemands  afweersysteem) vertoont een veel zwakkere samenhang met geluk. Aha! Dus je ‘objectieve’ gezondheid houdt zich vast aan de vinger van geluk, terwijl je subjectieve gezondheid zijn hele handje mag vasthouden!

Maar hoe zit het met een eventuele causale relatie? Beïnvloedt je gezondheid hoe gelukkig je bent? Hieraan wordt niet getwijfeld in wetenschappelijke kringen. Bij mensen die gezonder worden door bijvoorbeeld te sporten nemen geluksgevoelens toe. Andersom zien we bij ziekte het geluk dalen.2 Dit is natuurlijk geen wereldschokkend nieuws; lopend over een winderig metrostation met een snottebel tot op je kin en hermetisch gesloten neusgaten valt het leven elk mens wel eens zwaar. En andersom: met een sterk afweersysteem, in blakende conditie, stressbestendig, en zonder noemenswaardige fysieke klachten is het nou eenmaal een stuk makkelijker om de vreugde van het leven in te ademen. Toch is de invloed van gezondheid op je geluk minder groot dan je misschien denkt. Stel je voor dat je verlamd bent geraakt door een ernstig ongeluk. Je zou verwachten dat dit een behoorlijke deuk in je geluk oplevert, maar dat blijkt gemiddeld genomen eigenlijk wel mee te vallen. Ja, een paar maanden vinden we het heel klote maar na een jaartje zijn we weer zo goed als op onze oude geluksniveau.3

Oké, je gezondheid kan in elk geval tijdelijk je geluk beinvloeden. Kan het ook andersom? Wanneer je geluksniveau stijgt word je dan ook gezonder? Grappig genoeg bestaat er interventie-onderzoek dat dit lijkt te ondersteunen.4 Een meta-analyse uit 2007 concludeert redelijk overtuigend dat je geluksniveau je gezondheid positief kan beïnvloeden. Je gelukszalige glimlach laat je namelijk sneller herstellen van stress en maakt dat je later minder medische zorg nodig hebt.5 Nu alleen nog ontdekken hoe je die glimlach tevoorschijn kan toveren…

Tot slot, is het mogelijk dat de interactie tussen geluk en gezondheid eigenlijk gestuurd wordt door een derde variabele? Het lijkt onwaarschijnlijk gezien alle onderzoeken, maar we moeten niet vergeten dat onderliggende genetische componenten de relatie tussen gezondheid en geluk ook (volledig) zouden kunnen verklaren. Dan is het niet zozeer gezondheid die gelukkig maakt of andersom, maar is het genetische variatie die de dienst uitmaakt. Toekomstig onderzoek moet uitwijzen welke rol genen precies spelen in het samenspel van gezondheid en geluk. Tot die tijd gaan we er gemakshalve maar vanuit dat gezondheid en geluk elkaar wederzijds beïnvloeden.

‘Toen de morfine begon uit te werken, verdween haar euforie als sneeuw voor de zon. Het zielsgeluk maakte plaats voor diepe misère terwijl zij ziek op bed lag’. Ziezo, nu klopt ons model van de werkelijkheid weer en kunnen we rustig gaan slapen.


1) Okun, M.A., Stock, W.A., Haring, M.J., Witter, R.A. (1984) Health and subjective well-being: A meta-analysis. Int Journal of Aging and Human Development; 19: 111–132

Xu, J., Roberts, R.E., (2010). The power of positive emotions: It’s a matter of life or death—Subjective well-being and longevity over 28 years in a general population. Health Psychology, 29(1):9–19.

CBS (2015), Welzijn in Nederland 2015. Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen.

2) Penedo, F.J., Dahn, J.R., (2005) Exercise and well-being: a review of mental and physical health benefits associated with physical activity. Current Opinion Psychiatry, 18(2):189–93.

Dolan, P., Peasgood, T., White, M., (2008). Do we really know what makes us happy A review of the economic literature on the factors associated with subjective well-being, Journal of Economic Psychology, 29(1), pp. 94-122

3) Brickman, P., Coates, D., Janoff-Bulman, R. (1978). “Lottery winners and accident victims: Is happiness relative?” Journal of Personality and Social Psychology, 36(8), 917-927.

4) Danner, D.D., Snowdon, D.A., Friesen, W.V. (2001). Positive emotions in early life and longevity: Findings from the nun study. J Pers Social Psychology ;80:804–13.

Diener, E., Chan, M.Y., (2011). Happy People Live Longer: Subjective Well-Being Contributes to Health and Longevity, Applied Psychology: Health and Well-Being, 3(1), pp. 1-43

5) Howell, R.T., Kern, M.L., Lyubomirsky, S., (2007). Health benefits: Meta-analytically determining the impact of well-being on objective health outcomes, Health Psychology Review, 1(1), pp. 83-136